Rijd jij in een duurzame auto? Dan heb je ongetwijfeld geprofiteerd van talloze fiscale voordelen. Echter, de afgelopen jaren zijn deze voordelen geleidelijk afgebouwd. Ondanks verdere beperkingen kun je in 2026 nog steeds genieten van een aantal fiscale voordelen.
Voor vrijwel alle nieuwe zakelijke auto's die ook voor privédoeleinden worden gebruikt, geldt vanaf 2017 een standaard bijtelling van 22% van de cataloguswaarde (inclusief btw en bpm). Alleen elektrische auto's, die geen CO2-uitstoot hebben, komen in aanmerking voor een bijtellingskorting. Deze korting geldt gedurende de maand van tenaamstelling en de daaropvolgende zestig maanden. Na deze periode wordt de bijtelling jaarlijks vastgesteld op basis van de dan geldende tarieven. Auto’s zonder CO2-uitstoot, die in 2021 op kenteken zijn gezet, hebben in een deel van 2026 nog een bijtelling van 12%. In de loop van 2026 zal de bijtelling voor deze voertuigen echter aangepast worden volgens de nieuwe regelgeving van dat jaar.
Voor elektrische voertuigen die in 2021 zijn geregistreerd, geldt een lagere bijtelling van 12% over een cataloguswaarde van €40.000; over het meerdere geldt 22%. Voor waterstof- en zonnecelauto’s geldt in 2021 een uniforme bijtelling van 12% over de gehele cataloguswaarde.
In 2022 geldt voor elektrische auto’s een bijtelling van 16% over een cataloguswaarde van €35.000 en 22% over het meerdere. Ook waterstof- en zonnecelauto's hebben een bijtelling van 16% over de volledige cataloguswaarde.
Voor elektrische voertuigen die in 2024 zijn geregistreerd, blijft de bijtelling vastgesteld op 16% over een waarde van €30.000 en 22% over het meerdere. Voor waterstof- en zonnecelauto’s blijven de voorwaarden gelijk.
In 2025 geldt er een lagere bijtelling van 17% voor elektrische voertuigen over de eerste €30.000, en 22% voor het meerdere. Voor waterstof- en zonnecelauto's geldt eveneens een bijtelling van 17% over de volledige cataloguswaarde.
Voor nieuwe auto's in 2026 zijn de bijtellingspercentages en de CO2-grenzen als volgt:
| Soort auto | Bijtelling | CO2-uitstoot |
|---|---|---|
| Elektrisch | 18% tot €30.000 / 22% over het meerdere | 0 |
| Waterstof | 18% | 0 |
| Zonnecel | 18% | 0 |
| Overig | 22% | > 0 |
De aanscherping van de CO2-grenzen betekent niet dat je elk jaar te maken krijgt met een nieuw bijtellingspercentage. Een vastgesteld percentage blijft gedurende zestig maanden geldig voor alle auto's. Na deze periode wordt de bijtelling opnieuw getoetst aan de geldende percentages.
Let op! Een auto met als datum van eerste toelating vóór 31 december 2016 krijgt na zestig maanden geen standaard bijtelling van 22%, maar 25%. Uitzondering is voor voertuigen die geen CO2-uitstoot hebben. Elektrische auto's krijgen in 2026 een korting van 4% op de normale bijtelling tot een cataloguswaarde van €30.000. Dit betekent dat voor een elektrische auto uit 2016 de bijtelling in 2025 21% (25% - 4%) is tot een cataloguswaarde van €30.000, en daarboven 25%. Elektrische voertuigen die in 2017 zijn geregistreerd, krijgen in 2026 een bijtelling van 18% (22% - 4%) tot €30.000 en van 22% over het meerdere. Auto's die de zestig maanden hebben doorlopen, zullen jaarlijks de wettelijke wijzigingen in de bijtelling volgen.
Tip! Voor ondernemers in de inkomstenbelasting blijft de bijtelling beperkt tot maximaal het bedrag dat in een jaar aan autokosten ten laste van de winst is gebracht.
Vanaf 2028 geldt er nog maar één bijtellingspercentage van 22%. Hierdoor verdwijnt het voordeel voor auto’s zonder CO2-uitstoot. In 2027 wordt de korting op de bijtelling verlaagd van 4 naar 2% voor de cataloguswaarde tot €30.000, terwijl de bijtelling 22% over het meerdere bedraagt. Voor een elektrische auto, die in 2027 voor het eerst op kenteken komt, geldt een bijtelling van 20% tot €30.000 en 22% over het meerdere.
Bijtelling kan helemaal worden voorkomen als je kunt aantonen dat je per jaar niet meer dan 500 kilometer privé met de auto hebt gereden. Woon-werkverkeer wordt gezien als zakelijk, zelfs als je thuis luncht.
De bijtelling voor privégebruik van een auto die zestien jaar geleden voor het eerst in gebruik is genomen, bedraagt in 2026 35% van de waarde in het economisch verkeer, ook wel bekend als de youngtimerregeling. In 2025 gold nog een leeftijdsgrens van vijftien jaar.
Is de auto in 2026 jonger dan zestien jaar, maar vóór 1 januari 2017 voor het eerst in gebruik genomen, dan bedraagt de bijtelling voor 2026 25% van de cataloguswaarde. Voor een auto zonder CO2-uitstoot kan een bijtelling van 21% tot €30.000 in 2026 worden toegepast.
Tip! Voor de auto die in 2025 al aan dezelfde werknemer ter beschikking werd gesteld en die in 2025 vijftien jaar of ouder is geworden, geldt overgangsrecht. Voor deze auto mag in heel 2026 een bijtelling van 35% van de waarde in het economisch verkeer worden aangehouden.
Let op! Vanaf 1 januari 2027 gaat de leeftijdsgrens in de youngtimerregeling naar 25 jaar. Er geldt vanaf dat moment geen overgangsrecht meer.
In 2026 is er recht op de kleinschaligheidsinvesteringsaftrek (KIA) voor bestelauto's. Voor waterstofpersonen- en bestelauto’s bedraagt de MIA 45% over maximaal 90% van de investering. Voor personenauto's geldt een maximum van €75.000 en voor bestelauto's van €125.000.
Let op! Als je in aanmerking komt voor de MIA kun je geen gebruikmaken van de Subsidieregeling Waterstof in Mobiliteit (SWIM) en vice versa. Voor zonnecelpersonenauto's is de MIA 36% tot maximaal 90% van het investeringsbedrag, met een limiet van €100.000.
Hieronder een overzicht van de MIA-regelingen:
| Soort auto | MIA % | Maximaal investeringsbedrag |
|---|---|---|
| Waterstofpersonenauto | 45% | €75.000 |
| Zonnecelpersonenauto | 36% | €100.000 |
| Waterstofbestelauto | 45% | €125.000 |
Om in aanmerking te komen voor de MIA, is het noodzakelijk om de investering tijdig bij RVO te melden. Dit dient te gebeuren binnen drie maanden na het aangaan van de investeringsverplichting, ongeacht het moment van ingebruikname of facturering. Het moment van ingebruikname of betaling is relevant voor de aangifte inkomsten- of vennootschapsbelasting.
De hoogte van de motorrijtuigenbelasting (mrb) is afhankelijk van verschillende factoren, waaronder de CO2-uitstoot van jouw auto. Voor personenauto's met een CO2-uitstoot van 0 gr/km geldt in 2026 een korting van 30% op het normale MRB-tarief. Voor plug-inhybrides is er in 2026 geen korting meer. Ook voor emissieloze bestelauto's geldt in 2026 geen korting meer op de mrb.
Ondernemers betalen minder mrb voor bestelauto's, mits deze meer dan 10% zakelijk worden gebruikt. Dit dient aangetoond te worden, maar een kilometeradministratie is niet verplicht.
Bij registratie van jouw auto wordt bpm geheven, waarvan de hoogte voor personenauto's afhankelijk is van de CO2-uitstoot. Vanaf 2025 zijn er geen vrijstellingen meer voor auto's met een CO2-uitstoot van 0 gr/km. Voor bestelauto's met een CO2-uitstoot van 0 gr/km blijft er wel een vrijstelling bestaan. Voor personenauto's zonder vrijstelling geldt een hogere bpm naarmate de CO2-uitstoot groter is.
Let op! De bpm-vrijstelling voor ondernemers is afgeschaft per 2025. Deze blijft echter wel gelden voor bestelauto's die vóór 2025 zijn aangeschaft, mits voldaan wordt aan de daarvoor geldende voorwaarden (meer dan 10% zakelijk gebruik).
In 2027 zal een pseudo-eindheffing van 12% in de loonbelasting gaan gelden. Deze is verschuldigd door werkgevers die een werknemer een personenauto van de zaak ter beschikking stellen, mits deze ook voor privégebruik is bestemd en een CO2-uitstoot groter dan nul heeft.
Let op! De 12% pseudo-eindheffing komt voor rekening van de werkgever en mag niet op de werknemer worden verhaald. De bijtelling voor de auto van de zaak blijft bestaan in 2027.
Er zijn enkele uitzonderingen op de regeling. Een werkgever is de eindheffing niet verschuldigd als:
Let op! Uitzonderingen voor incidenteel privégebruik zijn mogelijk bij overmacht en bijzondere omstandigheden. De werkgever moet kunnen aantonen dat dit het geval is.
Ten aanzien van de uitzondering van 'geen privégebruik', zit er een addertje onder het gras. Woon-werkverkeer wordt als zakelijk beschouwd voor de bijtelling, maar deze kilometers worden echter als privéverkeer geteld voor de pseudo-eindheffing.
Let op! Dit houdt in dat de werkgever vanaf 2027 ook de pseudo-eindheffing verschuldigd is, zelfs wanneer de werknemer de auto niet voor privédoeleinden gebruikt (of maximaal 500 kilometer), maar wel voor woon-werkverkeer.
De pseudo-eindheffing is van toepassing op personenauto's, die gedefinieerd zijn als voertuigen met voertuigclassificatie M1 in het civiele kentekenregister. Dit omvat ook kampeerauto's, personenbusjes voor zorgvervoer (met maximaal negen zitplaatsen) en lijkwagens.
Bestelauto's, vrachtwagens en tractors vallen niet onder de pseudo-eindheffing.
Personenauto's die vóór 1 januari 2027 ter beschikking zijn gesteld, komen niet onmiddellijk in aanmerking voor de pseudo-eindheffing. Voor deze voertuigen geldt een overgangsregeling tot 17 september 2030. Pas daarna kan een werkgever te maken krijgen met de pseudo-eindheffing voor deze auto's.
Let op! De overgangsregeling is gekoppeld aan de specifieke personenauto. Als een werkgever de auto na 1 januari 2027 aan een andere werknemer ter beschikking stelt, geldt de overgangsregeling nog steeds.
De 12% pseudo-eindheffing wordt berekend over de cataloguswaarde van de personenauto, inclusief btw en bpm. Bij de berekening van de pseudo-eindheffing wordt geen rekening gehouden met de eigen bijdrage van de werknemer. Als de personenauto ouder dan 25 jaar is, wordt de pseudo-eindheffing berekend op basis van de waarde in het economisch verkeer.
De pseudo-eindheffing wordt maandelijks berekend. De werkgever kan ervoor kiezen om deze eindheffing te voldoen in de tweede loonaangifte van het volgende kalenderjaar.
Let op! Voor het jaar 2027 moet de werkgever de pseudo-eindheffing uiterlijk in de tweede loonaangiftetijdvak van 2028 betalen.
Proberen te besparen op de pseudo-eindheffing door de auto niet elke dag voor privédoeleinden beschikbaar te stellen, heeft geen effect. Als de auto slechts een deel van de maand voor privédoeleinden ter beschikking is gesteld, wordt deze geacht de hele maand privé beschikbaar te zijn. De pseudo-eindheffing van 12% geldt dan voor de gehele maand.
De pseudo-eindheffing geldt voor werkgevers. Dit betekent dat als een bv een auto van de zaak aan een DGA ter beschikking stelt, deze bv ook met de heffing te maken kan krijgen. Ondernemers met een eenmanszaak of in een vof zullen voor zichzelf niet geconfronteerd worden met deze heffing, maar mogelijk wel voor hun personeel.
Ondanks dat de maatregel pas in 2027 ingaat en er een overgangsregeling bestaat, is het verstandig om nu al te anticiperen. Dit is zeker relevant als je nu of in de toekomst een leasecontract sluit met een looptijd van vijf jaar, aangezien de overgangsregeling loopt tot 17 september 2030.
Disclaimer:
Bij de opstelling van deze informatie is uiterste zorg in acht genomen, maar er kan geen aansprakelijkheid worden aanvaard voor onvolledigheden of onjuistheden. Deze informatie is niet bedoeld om de enige basis voor financiële beslissingen te zijn.