In 2025 geldt het gebruikelijk loon voor iedere ondernemer met een aanmerkelijk belang in een vennootschap die ook daadwerkelijk werkzaamheden verricht voor die vennootschap. Het gebruikelijk loon moet worden vastgesteld op het hoogste bedrag van de volgende opties:
Recentelijk is er een rechtszaak behandeld bij het gerechtshof Den Haag over een dga die in 2019 zichzelf een gebruikelijk loon van nihil had toegekend. De dga gaf aan weinig tot geen werkzaamheden te hebben verricht. De inspecteur was het hiermee oneens en verlaagde het eerder vastgestelde gebruikelijk loon van € 45.000 naar € 20.000.
De inspecteur ontdekte dat er wel degelijk inkomsten waren, vastgesteld op € 43.199, gebaseerd op de omzetbelasting-aangiften. De dga betoogde dat deze cijfers het gevolg waren van een administratieve fout door de boekhouder en dat hij psychische klachten had in die periode. Echter, de dga slaagde er niet in om deze claims te onderbouwen, en het Hof negeerde deze argumenten.
Het Hof oordeelde dat een dga altijd enige werkzaamheden moet uitvoeren voor de bv, zelfs bij een lage omzet. Het bijhouden van de administratie en het onderhouden van contact met de boekhouder zijn voorbeelden van dergelijke werkzaamheden. Daarom was het verlaagde gebruikelijk loon van € 20.000 in deze situatie volkomen gerechtvaardigd.