01 april 2025 — 9 minuten

Voordelen van loonkosten: Jouw handige advieswijzer

Vanaf 2025 bestaat er een vaste tegemoetkoming per verloond uur, met een limiet aan het bedrag dat je per jaar kunt ontvangen. De loonkostenvoordelen blijven de enige optie, terwijl de lage-inkomensvoordelen (LIV) komen te vervallen. De komende jaren zijn er echter nog verschillende wijzigingen te verwachten.

Loonkostenvoordelen

Verkeersbord

Om in aanmerking te komen voor de loonkostenvoordelen (LKV's), moet je aan bepaalde eisen voldoen. De werknemer moet bijvoorbeeld verzekerd zijn voor de werknemersverzekeringen en de AOW-leeftijd mag nog niet zijn bereikt. Voor het loonkostenvoordeel voor oudere werknemers geldt dat deze werknemer bij de start van het dienstverband 56 jaar of ouder moet zijn, terwijl de overige LKV's betrekking hebben op werknemers met een arbeidsbeperking.

Soorten LKV's

In 2025 zijn er vier verschillende soorten LKV's, namelijk:

  1. Voor oudere werknemers
  2. Voor arbeidsbeperkte werknemers
  3. Voor de doelgroep banenafspraak en scholingsbelemmerden
  4. Voor het herplaatsen van arbeidsbeperkte werknemers

Tip! De voorwaarden voor elk type loonkostenvoordeel verschillen. Neem contact op met onze adviseurs voor de specifieke voorwaarden.

Je hebt recht op een LKV vanaf het moment dat de werknemer in dienst komt, voor een maximale periode van drie jaar, tot de AOW-leeftijd is bereikt. Voor het herplaatsen van een arbeidsbeperkte werknemer is dit maximaal één jaar.

Bedragen LKV voor 2025

De hoogte van het loonkostenvoordeel hangt af van het aantal gewerkte uren en het type loonkostenvoordeel. De bedragen voor 2025, die in 2026 worden uitgekeerd, zijn als volgt:

Loonkostenvoordeel Bedrag per verloond uur Maximumbedrag per jaar
Oudere werknemer € 1,35 € 2.600
Oudere werknemer in dienst voor 2024 € 3,05 € 6.000
Arbeidsbeperkte werknemer € 3,05 € 6.000
Doelgroep banenafspraak en scholingsbelemmerden € 1,01 € 2.000
Herplaatsen arbeidsbeperkte werknemer € 3,05 € 6.000

Hoe vraag je een LKV aan?

Je vraagt het loonkostenvoordeel aan via je aangifte loonheffingen door de indicatie voor het LKV in te schakelen. Zonder deze indicatie krijg je geen LKV. De aanvraag kan worden ingediend zodra je een doelgroepverklaring van jouw werknemer hebt. In deze verklaring staat voor welk loonkostenvoordeel deze is afgegeven en welke voorwaarden er gelden. De doelgroepverklaring moet jouw werknemer aanvragen bij het UWV, en wordt enkel verstrekt aan de werknemer, tenzij deze jou gemachtigd heeft om deze aan te vragen.

Let op! De doelgroepverklaring moet binnen drie maanden na aanvang van de dienstbetrekking worden aangevraagd. Bij een te late aanvraag kan de werknemer geen doelgroepverklaring meer krijgen en kun je geen recht meer maken op het LKV.

Uiterlijk op 15 maart krijg je een voorlopige berekening van de loonkostenvoordelen waar je recht op hebt voor jouw werknemers over het voorgaande jaar. Dit is gebaseerd op de aangiften en correcties die je hebt gedaan tot en met 31 januari van het daaropvolgende jaar. Tot en met 1 mei kun je nog correcties indienen over het voorgaande jaar. Deze worden meegenomen in de definitieve berekening van jouw loonkostenvoordelen, die je voor 1 augustus ontvangt van de Belastingdienst op basis van de berekening van het UWV.

LKV voor oudere werknemers geleidelijk afgeschaft sinds 1 januari 2024

De regeling voor LKV oudere werknemers zal gefaseerd verdwijnen. Voor dienstverbanden die gestart zijn op of na 1 januari 2024, geldt vanaf 1 januari 2025 een verlaagde tegemoetkoming van € 1,35 per verloond uur (maximaal € 2.600 per jaar). Per 1 januari 2026 ontvang je voor deze groep helemaal geen tegemoetkoming meer, aangezien de regeling dan is afgeschaft.

Voor dienstverbanden die voor 1 januari 2024 zijn gestart, blijven deze wijzigingen buiten beschouwing en kan de driejaarstermijn worden voltooid tot 2026. Vanaf 2027 wordt het LKV voor oudere werknemers ook voor deze groep afgeschaft.

Tip! Als een nieuwe werknemer naast de doelgroepverklaring oudere werknemer ook recht heeft op de doelgroepverklaring arbeidsbeperkte werknemer, is het voordeliger om deze laatste aan te vragen. De bedragen en maximale duur van het LKV voor arbeidsbeperkte werknemers blijven gelijk, wat resulteert in een hoger en langer doorlopend bedrag.

Wetsvoorstel banenafspraak: wijzigingen LKV banenafspraak (per 2026?)

Op 11 februari 2025 is het Wetsvoorstel banenafspraak door de Tweede Kamer goedgekeurd. Hierin wordt voorgesteld om de huidige maximale periode van drie jaar voor het verkrijgen van LKV voor werknemers uit de doelgroep banenafspraak en scholingsbelemmerden om te zetten in een structurele tegemoetkoming. Je hebt hier recht op zolang aan de voorwaarden voor deze LKV wordt voldaan.

Daarnaast komt er een bonusregeling; deze houdt in dat als er een extra heffing komt voor werkgevers vanwege onvoldoende werknemers uit de doelgroep banenafspraak aan het werk zijn, de bedragen voor deze LKV substantieel worden verhoogd, waardoor je nog steeds voordeel kunt behalen.

Na invoering van de wet is het niet meer nodig om voor het LKV banenafspraak een doelgroepverklaring aan te vragen. Je moet wel kijken of de betreffende werknemer is opgenomen in het doelgroepregister van het UWV.

Let op! Dit geldt specifiek voor het LKV banenafspraak. Voor het LKV arbeidsbeperkte werknemers moet je nog steeds een doelgroepverklaring hebben.

Tenslotte verandert de groep werknemers die recht heeft op de huidige LKV banenafspraak en scholingsbelemmerden. Het LKV wordt alleen nog van toepassing op werknemers die zijn opgenomen in het doelgroepregister banenafspraak.

Na de invoering van de wet zijn er geen LKV's meer voor:

  • Wajongers zonder duurzaam arbeidsvermogen; echter, zij kunnen wel in het doelgroepregister worden opgenomen.
  • Scholingsbelemmerden die niet tot de doelgroep banenafspraak behoren.
  • Werknemers uit de banenafspraak met een indicatie beschut werk.

Het wetsvoorstel moet nog door de Eerste Kamer worden goedgekeurd. De verwachting is dat de wet per 2026 ingaat.

Veranderingen LKV herplaatsen arbeidsbeperkte werknemer per 1 januari 2025

Momenteel hebben werkgevers recht op het LKV herplaatsen arbeidsbeperkte werknemer wanneer de werknemer zijn eigen werk geheel of gedeeltelijk hervat of een andere functie bij dezelfde werkgever gaat bekleden, en in de voorgaande maand recht had op een WIA-uitkering. Deze voorwaarden veranderen per 2025. In de nieuwe regeling heb je ook recht op dit loonkostenvoordeel als de werknemer tijdens de wachttijd al (gedeeltelijk) heeft gewerkt en na de wachttijd recht krijgt op een WIA-uitkering, en hij bij zijn werkgever blijft werken. De werknemer moet binnen drie maanden na de WIA-toekenning een doelgroepverklaring aanvragen bij het UWV. De mogelijkheid om het resterende recht op een loonkostenvoordeel mee te nemen bij een wisseling van werkgever wordt ook geïntroduceerd, waardoor werkgevers voor meer werknemers in aanmerking kunnen komen voor dit loonkostenvoordeel.

Lage-inkomensvoordeel (LIV)

Met ingang van 1 januari 2025 wordt het LIV afgeschaft. Voor het jaar 2024 had je nog recht op het LIV voor werknemers die ongeveer het minimumloon verdienen (gemiddeld tussen € 14,33 en € 14,91 per uur). Er waren ook aanvullende voorwaarden, zoals een minimum aantal verloonde uren van 1248 voor de werknemer in 2024. Hoewel het LIV in 2025 wordt afgeschaft, vindt de uitbetaling voor het LIV 2024 nog plaats in juli/augustus 2025.

Loonkostensubsidie

Als werkgever kun je in aanmerking komen voor loonkostensubsidie voor werknemers met een arbeidsbeperking die niet in staat zijn om met voltijds werken het volledige wettelijk minimumloon te verdienen (die onder de gemeentelijke doelgroep Participatiewet vallen). Deze subsidie wordt verstrekt door de gemeente waar de werknemer woont. De aanvraag dien je ook daar in. Door middel van een loonwaardebepaling wordt de productiviteit van de werknemer vastgesteld, waartegenover de hoogte van de loonkostensubsidie wordt bepaald. Dit kan maximaal 70% van het wettelijk minimumloon zijn. Zodra de loonwaarde van de werknemer gelijk is aan het wettelijk minimumloon, stopt de loonkostensubsidie. Daarnaast ontvang je een compensatie voor premies van de werknemersverzekeringen, het werkgeversdeel van de pensioenpremie, loondoorbetaling tijdens vakantiedagen en andere werkgeverslasten. Deze compensatie bedraagt in 2025 25%. Het percentage vergoeding van de werkgeverslasten is een gemiddelde van de werkgeverslasten in de verschillende sectoren. Bij een loonkostensubsidie ontvangt de werknemer het minimumloon, waardoor er mogelijk ook nog recht op het LIV bestaat.

Een speciale vorm van loonkostensubsidie is de forfaitaire loonkostensubsidie voor de eerste zes maanden van het dienstverband van een werknemer. Dit houdt in dat jij samen met de gemeente de mogelijkheid hebt om voor de eerste zes maanden van het dienstverband een loonkostensubsidie van 50% van het minimumloon af te spreken. Na deze periode past de gemeente de subsidie aan op basis van de objectieve loonwaarde van de werknemer. Een forfaitaire loonkostensubsidie kan de start van een dienstverband met iemand uit de doelgroep mogelijk vergemakkelijken. Bovendien kan je zo in de eerste zes maanden een goed beeld krijgen van de capaciteiten van de werknemer.

Let op! Aanvragen moeten in principe voor de start van het dienstverband of binnen één maand na de start worden ingediend. Voor een bepaalde doelgroep is het ook mogelijk om de loonkostensubsidie binnen zes maanden na de start aan te vragen. Dit geldt onder meer voor schoolverlaters uit het voortgezet speciaal onderwijs, praktijkonderwijs of entreeopleiding mbo en voor mensen die onder de re-integratieverantwoordelijkheid van de gemeente vallen.

Loondispensatie

Voor personen met een arbeidsbeperking en een Wajong-uitkering kun je loondispensatie aanvragen bij het UWV. Dit houdt in dat je toestemming vraagt aan het UWV om minder dan het wettelijke minimumloon uit te betalen aan de werknemer. Dit doe je door het formulier Aanvraag loondispensatie Wajong in te vullen.

Een arbeidsdeskundige van het UWV beoordeelt of de werknemer minder presteert door zijn ziekte of handicap en bepaalt het percentage van het wettelijk minimumloon dat je aan de werknemer moet betalen. De werknemer ontvangt van het UWV een aanvulling op het salaris.

Loondispensatie wordt voor minimaal een halfjaar en maximaal vijf jaar toegekend, met de mogelijkheid voor verlenging. Uiteindelijk is het doel dat de werknemer hetzelfde gaat verdienen als alle andere werknemers.

Andere regelingen

Naast de genoemde subsidies en tegemoetkomingen zijn er nog meer regelingen beschikbaar, die je kunt aanvragen bij het UWV of de gemeente, zoals:

  • Vergoeding of ondersteuning voor een aangepaste werkplek voor werknemers met een ziekte of handicap;
  • No-riskpolis bij het in dienst nemen van werknemers met een hoog uitvalrisico;
  • Proefplaatsing van twee maanden voor een werknemer;
  • Persoonlijke ondersteuning of jobcoach.

Disclaimer
Bij het opstellen van deze Advieswijzer is uiterste zorgvuldigheid nagestreefd. Er kan echter geen aansprakelijkheid worden aanvaard voor eventuele onvolledigheden of onjuistheden. Deze Advieswijzer is niet bedoeld om alle noodzakelijke informatie voor financiële beslissingen te verschaffen.

Recente items

Blijf op de hoogte

Wil je altijd op de hoogte blijven van het laatste nieuws omtrent financiën en accountancy?
Schrijf je dan in voor onze nieuwsbrief en mis niets.

Aanmelden nieuwsbrief

Wilt u onze nieuwsbrief niet meer ontvangen? dan kunt u zich hier uitschrijven.